Mijn foto

Laatste reacties

W.I.E

web-log.nl, powered by TypePad

El Pino and the Volunteers

Hé, alweer een bekend gezicht, denk ik als ik onderweg naar Ro-Town ben. Omdat ik veel te vroeg ben begroet ik het bekende gezicht. Zo gek is het overigens niet dat ik dit bekende gezicht hier vind, hij staat hier wel vaker, toch begroet ik hem nu uitbundiger dan normaal. We wisselen beleefdheden uit. Hoe gaat het met jou? Oh leuk! Gegeten bij Ro-Town. Kan dat tegenwoordig dan weer? Nou de laatste keer dat ik daar at was het echt niet te eten, ze zouden een nieuwe kaart krijgen of zo en de tussenkaart was niet om over naar huis te schrijven. Wat ik ga doen? Ja naar Ro-Town dus, voor een bandje. Welk bandje? Tja, dat weet ik niet helemaal, iets met El Pino, kan dat? Ja die ja, El Pino and the Volunteers. Is dat een leuke band? Gelukkig, ik heb geen idee namelijk, wat mij betreft kan het net zo goed een oude lullen band zijn. Er word me verzekerd dat dat niet het geval is. Opgelucht stap ik Ro-Town binnen, nog steeds te vroeg.

Om te verbloemen dat het me best een beetje zenuwachtig maakt, dat te vroeg zijn en dan ook nog eens alleen bestel ik een zoete witte wijn. Hiermee rek ik wat tijd, maar nog steeds niet genoeg natuurlijk. Ik wurm me op de bank tussen twee tafeltjes in. Ik weet me niet echt een houding te geven dus pak ik mijn telefoon. Als die voor me ligt hebben andere mensen misschien het idee dat ik toch contact met de buitenwereld heb, dat ik echt niet helemaal alleen ben. Maar de mogelijkheden met een telefoon zijn ook beperkt en begeef je jezelf niet juist in de buitenwereld om daar mee in interactie te komen?

Met die interactie komt het nog niet helemaal goed. Maar ik kan wel luisteren naar wat er gebeurd aan de tafeltjes naast me. Links van me zijn twee meisjes in een verhitte discussie over welke stad leuker is, Rotterdam of Den Haag. Ze staan lijn recht tegen over elkaar en lijken elkaar niet te kunnen overtuigen. Rechts van mij zit een jongen met zes meisjes, de meisjes steken elkaar de troef af in hipheid en leukheid. Dan komt er een meisje dat de competitie wat mij betreft met vlag en wimpel wint, luid bellend bij hem op schoot zitten. Voor me zit een meisje alleen aan een tafeltje, er staan wel twee glazen, ik fantaseer over de persoon van wie het andere glas is. Ik probeer haar houding te kopiëren, het voornaamste is dat ik meer ruimte in moet nemen. Alsof ik me totaal op mijn gemak voel en vind dat ik het volste recht heb daar te zijn, ook al zit ik dan alleen. Maar als de persoon aan wie het andere glas toebehoord aanschuift zie ik ook in haar gedrag een verandering. Veel tijd om die verandering te observeren heb ik niet. Lief staat voor mijn neus, we kussen elkaar gedag, ik mompel iets over de ruimte die iedereen hier in beslag neemt, ik denk niet dat hij me begrijpt. Maar er is ook niet veel tijd om dat uit te diepen, de band begint immers zo.

Als ik denk dat de band zijn instrumenten aan het stemmen is blijkt dit het voorprogramma te zijn. Ik hoop dat de band beter is dan een voorprogramma dat klinkt alsof het instrumenten aan het stemmen is. Helaas is dat niet helemaal het geval. Het is wel aardig, maar ik wordt er niet wild enthousiast van. Gelukkig bleek lief het ook niet zo geweldig te vinden. De vorige keer dat hij ze zag waren ze althans een stuk leuker geweest. Blij dat we het hierover eens zijn lopen we naar buiten, zo in de armen van alweer een bekend gezicht of twee. Er word enthousiast begroet. Dit keer om de band zo snel mogelijk te vergeten. Al kwebbelend lijkt dat nog te lukken ook.

Wat zou je doen met een pompoen?

De pompoen keek mij schuldbewust aan, het was de bedoeling geweest dat ik er een gezichtje uit zou snijden en er een waxinelichtje in zou stoppen. Gezellig zo tijdens de donkere dagen van Halloween. Maar Halloween is al lang voorbij en de pompoen was er nog steeds. Haar zusjes waren inmiddels weg gegeven aan mijn mede heksjes en zo lag ze daar ook nog eens helemaal alleen.

Wat moet je doen met een pompoen, was een vraag die mij steeds bezig hield, de recepten zagen er bewerkelijk uit en soms stonden er werkelijk belachelijk dingen in de benodigdheden lijstjes. Een gedroogde verse peper bijvoorbeeld. En dus gebeurde er helemaal niets met de pompoen.

De medeheksjes konden me ook niet verder helpen, de een wist zelf niet helemaal wat ze er mee moest doen en twitterde hier over. Of dat haar geholpen heeft is me niet helemaal duidelijk geworden, de ander kwam met het advies de pompoen op te eten, iets dat ik zelf ook wel al bedacht had. Maar hoe, dat was de vraag.

Google en Albert Heijn boden uitkomst, zij kwamen met een recept dat er lekker, vegetarisch en niet al te bewerkelijk uitzag, nadeel was alleen dat het een recept voor 4 personen was. Nu vind ik het helemaal niet erg om voor mezelf alleen in de keuken te staan, ik vind zelfs dat ik dat vooral moet doen, blijven koken en niet overgaan op een dieet van brood met ei, soep, magnetron- en afhaalmaaltijden. Maar je kunt het overdrijven, bovendien is eten met andere mensen een stuk gezelliger en een niet al te bewerkelijk pompoenrecept toch echt wel te bewerkelijk voor in je eentje.

Dus nodigde ik snel een eter uit, bedacht ik me dat huisgenoot vast ook zou komen eten en ging ik aan de slag. Het was een doorslaand succes, en dat terwijl ik de helft van het recept bij elkaar geïmproviseerd had, daar ik niet helemaal wist wat er met bepaalde ingrediënten werd bedoeld of deze gewoon niet aanwezig leken te zijn in de supermarkt. Er werd gesmikkeld en gesmuld, en voortaan weet ik wat te doen met een pompoen. Voor iedereen die dat ook wil weten hier de link van het recept. Improviseer erop los zou ik zo zeggen. Succes.

Bekende gezichten

Aan het einde van de Gothic beurs liep ik tegen een bekend gezicht aan, die ik na snel rekenen al een maand of elf niet meer had gezien. Nu zijn snel en rekenen geen woorden die je mij snel in een zin zal zien gebruiken. Het hielp hier dan ook zeker mee, dat de laatste keer dat ik het bekende gezicht zag, dit tijdens een oud en nieuw feestje was. Technisch gezien kun je dan niet eens over rekenen spreken, het is meer bedenken in de hoeveelste maand we nu leven, en dat getal dan verwijtend roepen. “Hé, jij hier, dat is lang geleden, wel elf maanden, wat heb je in de tussentijd allemaal gedaan?” Natuurlijk moet dit verwijtend gebeuren, want ik zelf heb hier geen enkele schuld in, ik krabbelde, sms’te en mailde tevergeefs. Meer dan een “ja we moeten echt snel een keer afspreken”, leverde het niet op. Ik heb het ook wel op zijn beloop gelaten, maar daar had ik zo mijn redenen voor.

Het bekende gezicht bleek nu overigens wel echt af te willen spreken met een vrij duidelijk tijdspad, we zouden elkaar in die week nog treffen voor een hapje en een drankje, ik zou een ander bekend gezicht van ons beide ook uitnodigen, wel zo gezellig.

En zo komt het dat ik op een druilerige dinsdag avond doorweekt voor de Bijenkorf sta te wachten op mijn vriendinnetjes. Het restaurantje is gekozen door een van de twee dames, ik heb me al laten vertellen dat er een goede vegetarische kaart is, iets dat zeker een pre is.

Taverne Dushi maakten de verwachtingen meer dan waar. In rap tempo werden we bediend, heerlijke schotels met linzen en kikkererwten, met bananenkoekjes en zoete aardappel werden gedeeld en vulde onze magen. Toch had eenieder nog ruimte zat voor een toetje. Reken maar van yes!

Als we met gevulde magen en lege portemonnees het pand verlaten loop ik pardoes weer tegen een bekend gezicht aan. “Hé, jij hier”, roep ik semi verwijtend, omdat ik ook wel weet dat ik hier degene ben die de laatste keer had afgezegd, “dat is lang geleden”. Er worden agenda’s getrokken en een afspraak gemaakt, binnenkort ga ik weer uit eten!

De menselijke stem

Als ik word meegevraagd naar een toneelstuk van Toneelgroep Amsterdam  waar Halina Reyn in meespeelt hoef ik geen twee keer te denken, natuurlijk wil ik mee. Halina is niet alleen een goed voorbeeld van hoe je zo lang mogelijk een meisje kunt blijven, ze ziet er ook nog eens goed uit, het oog wil tenslotte ook wat.

Bij Halina denk ik aan Hello Kitty tasjes, de Dikke en de Dunne, en films als “ Zus & zo”. Waar ik niet aan dacht, was een zwaar stuk over verlies en eenzaamheid, over verwachtingen en projecties in relaties en over de sluier die je in een verliefde waas over jou en je geliefde heen trekt. Als ik dat wel had geweten, voordat ik ging, had ik waarschijnlijk mijn nieuwe vlam niet meegenomen.

Want zodra Halina aan haar afscheidsmonoloog door de telefoon begint word ik herinnerd aan het uitgestelde afscheid in de inbox van mijn e-mail programma. Daar staan duidelijke afscheidszinnen, met een punt erachter die steeds tot komma worden gemaakt. Het personage dat Halina speelt maakt ook van iedere punt een komma, tot ze ook daar de kracht niet meer voor heeft en er wel heel letterlijk een punt achter zet door uit het raam te springen, met de hoorn nog in haar hand.

Mijn persoonlijke drama is niet zo groots en meeslepend, niet zo allesoverheersend. De hysterie ben ik allang voorbij. Het drama op het toneel is uitvergroot, toch komt het vervaarlijk dichtbij. Soms voelt het alsof de andere aanwezigen in de zaal en dan vooral degene waarmee ik ben, mijn gedachten en gevoelens tijdens dit stuk mee kunnen krijgen. Soms kijk ik opzij, probeer ik hun ogen te vangen, op zoek naar tekenen van herkenning. Kennen zij ook zo’n groot verlies? Herkennen zij dit verdriet? Ik meen van wel. De menselijke stem, of la voix humaine, zoals het stuk zo mooi in het Frans heet is een stuk voor iedereen die ooit een grote liefde heeft verloren. Herken je dat niet dan zal het nietszeggend en overdreven hysterisch lijken.

Na afloop word er weinig gezegd. Ieder van ons verkeerd in zijn eigen innerlijke wereld. We mijmeren wat over afscheid en nieuwe kansen. Er worden termen gebruikt als “mooi” en “bijzonder”. Niemand durft toe te geven dat het veel te dichtbij kwam. Dat het een ieder persoonlijk kon raken op een manier die je niet voor mogelijk houd.

Voortaan als ik Halina zie zal ik dus denken aan de volwassen thema’s waar ook meisjes mee te kampen krijgen.  Ik zal denken aan grootse emoties en ijzersterk toneelspel. Hulde!

Gothic Beurs

Gothic Beurs

Omdat mijn moeder de gothic beurs in Rijswijk eigenlijk nooit overslaat, daar ze er in de buurt woont, sla ik die automatisch ook niet over. Want zeg nu zelf, het is toch een stuk gezelliger voor zowel haar als mij als we samen gaan. En dus stapte ik alweer in de trein, dit keer ging ik er een halte eerder uit en belande in Rijswijk.

Als ik op een gothic en fantasy beurs kom heb ik altijd even de tijd nodig om te acclimatiseren, ik vergeet iedere keer weer dat er van die idiote figuren op af komen zonder realiteitszin. Misschien denken mensen over mij ook wel dat ik de realiteit soms een beetje uit het oog verlies, met al die sprookjes workshops, gothic kleertjes en fantasy beurzen, misschien hebben de mensen die dat menen nog wel gelijk ook, maar geloof me er bestaan gradaties in.

Op dit soort beurzen komen mensen af die er naar mijn mening een beetje in doorschieten. Als je om de 3 meter over de grond gaat liggen rollen omdat je het nodig vind steeds hetzelfde toneelstukje op te moeten voeren heb je ze wat mij betreft niet allemaal op een rijtje. Bovendien krijg je op deze manier erg weinig mee van de beurs. Je bent dan zo op jezelf gericht dat je de omgeving een beetje uit het oog verliest, en dat is jammer, want het aanbod was dit jaar kwalitatief erg goed.

Daarom besloot ik me daar dus ook maar op te richten, in plaats van in de oh zo verleidelijke valkuil van ergernis te storten waardoor ik ook het grootste gedeelte van de beurs zou missen omdat ik te veel bezig was met anderen. Bij het derde kraampje zag ik dus niet eens meer hoe idioot sommige mensen uitgedost waren met dito gedrag.

Voorheen stonden op deze beurs kraampjes waarvan ik dacht, dat kan ik ook, maar dan beter. Nu stonden er kraampjes waarvan ik dacht wow, dat is een goed idee en wat mooi uitgevoerd, dat ik daar nu niet zelf op gekomen ben. Een nuance verschil dat wel zo prettig is.

De stand houders vertelden graag over hun producten. Er waren er twee die bij ons in het bijzonder in de smaak vielen. De kraam die t-shirts verkocht met prachtige zilveren opdrukken van schilderijen die special voor hun gemaakt worden. Van ieder shirt hebben ze 8 stuks in iedere maat, er zijn 4 maten voor dames en 4 maten voor heren. Een redelijk unieke productie dus. De kans dat je iemand in hetzelfde t-shirt ziet lopen zal in het dagelijks leven in ieder geval gering zijn. Op deze beurs, die over 3,5 maand een nieuwe editie beleefd zou ik mijn hand er niet voor in het vuur durven steken en een ander shirt uitkiezen. 

Daarnaast was er de kraam van de magische doosjes, de doosjes op zich waren al een lust voor het oog, maar ook de inhoud van de doosjes was zinnenstrelend. Bij ieder product hoorde een oefening die in een boekje stonden dat er bij geleverd word. Een leuk cadeau idee dus.

De beurs was afgelopen voordat we het goed en wel in de gaten hadden. Toen de lichten weer aan gingen bleken er zelfs hele stukken te zijn die we overgeslagen hadden. Iets dat ons nog nooit is overkomen. Normaal lopen we na een uur of twee verveeld het zoveelste rondje langs kraampjes die allemaal op elkaar lijken. De 2010 editie staat alvast genoteerd in mijn agenda, mijn heksenagenda wel te verstaan!

Chris Chameleon

Er is denk ik geen artiest die ik zo vaak heb gezien als Chris Chameleon, ik denk dat zelfs de door mij zo begeerde An Pierlé het tegen hem moet afleggen. En die laatste heb ik toch ook een behoorlijk aantal keren gezien.

Toch was dit de eerste keer dat ik Chris solo ging zien, want ik durfde niet zo goed. Chris in zijn bandje was vrolijke Monkey punk, een zelf verzonnen genre dat meer lijkt op Ska dan op Punk. Hoe dan ook het was meer Rock ´n roll dan de weg die Chris solo in geslagen is, een singer songwriter van voornamelijk (zuid)Afrikaanse liedjes. De eerste keer dat ik zo’n liedje hoorde dacht ik, nee toch maar niet. Maar sinds vorig jaar begon het weer een beetje te kriebelen. Ik was wel nieuwsgierig naar wat er van hem geworden was en begon voorzichtig weer eens iets te you tubben. Tot mijn grote vreugd merkte ik dat hij niet alleen liedjes zong in het (zuid) Afrikaans maar dat hij ook wat BOO! liedjes had afgestoft en in een nieuw jasje had gestoken. Soms klonk het ineens toch weer een beetje rock ’n roll, net zoals in zijn hoogtijdagen met BOO!, dat overigens de naam van het bandje was.

Chris draagt geen vrouwenkleren meer als hij op het podium staat, ook heeft hij zijn collega’s thuis gelaten, iets dat je meestal doet als je besluit solo verder te gaan. Maar hij haalt nog steeds met gemakt een octaafje of wat hoger dan menigeen. Ondanks dat aan zijn zang weinig veranderd was durfde ik het toch niet helemaal aan en besloot ik Lief en Neelis mee te nemen als morele ondersteuning. De laatste was ik echter vergeten te melden dat Chris behoorlijk de hoogte in kan gaan met zijn stem, hij bleek mijn steun harder nodig te hebben dan ik die van hem.

Ik heb even in moeten komen, het was zeker wennen om Chris niet met BOO! maar solo te zien, niet alles wat hij nu doet vind ik even geweldig, maar toen hij wat BOO! liedjes vertolkte maakte mijn hart een sprongetje en gingen mijn gedachten in een onbewaakt ogenblik terug naar de periode tussen 2002 en 2004 waarin ik zoveel heerlijke momenten op de vrolijke deuntjes beleefde. Bovendien bleek Chris erg grappig te zijn en leerde we de belangrijkste verschillen tussen het Nederlands en het (zuid) Afrikaans. Zo moet je niet gek opkijken als een (zuid)afrikaan “Ik hou van je” zegt en daarmee bedoelt “ik vind je wel leuk”, of dat hij vraagt “verschoon mij” als hij zich van tafel wil excuseren, ook is een “aftrekplek” niet iets dat angst in boezemt, het is gewoon een parkeerplek langs de weg en als je in (zuid)Afrika zegt “neuk me” moet je niet gek opkijken als je een paar klappen krijgt. Behoorlijke nuttige informatie dus waar ik misschien sneller iets mee moet doen dan me lief is. Toen een (zuid) Afrikaan me een aantal jaar geleden vroeg wanneer ik eens naar Afrika zou komen antwoorden ik bij de hand “Op de dag dat BOO! weer bij elkaar komt ga ik naar Afrika om ze te zien spelen”. Na afloop hoorde ik geruchten dat BOO! volgend jaar weer een aantal optredens samen zouden gaan doen. Ik ga dus maar alvast sparen voor een ticket.

Me_and_cc

Stoer

Het is weer tijd voor de Unie late night. Maar geen van mijn vrienden leek tijd te hebben hier met mij heen te gaan. Ik kan het ze niet helemaal kwalijk nemen, zo geweldig is de talkshow niet. Het concept is heel leuk, maar de interview skills van Ernest laten soms wat te wensen over, en de muziek keus is vaak ook niet helemaal mijn ding. Maar dat geeft niet, ik hou er van. Juist dat kneuterige maakt dat ik iedere eerste donderdag van de maand met veel plezier naar de Unie ga.

En dat was ik nu dus ook van plan, ook al was er niemand die met mij mee wilde, ook al had iedereen wel iets beters te doen, ik zou me er niet door laten tegen houden, nam ik me voor. En zo kwam het dat ik in mijn eentje naar de Unie liep. In mijn eentje een glas wijn bestelde. De barvrouw kon het niet geloven. `Twee toch?’, checkte ze. Maar dat leek me voor mij in mijn eentje wel iets overdreven. Vervolgens betaalde ik in mijn eentje de entree, kreeg ik alleen een stempel van een aardbei en zocht ik in mijn eentje een plekje op in de zaal. Tot zo ver ging het best goed! En ik gloeide van trots op mezelf.

Toen kwam het eerste sms-je binnen. Visje had toch wel zin om ook nog even iets te komen drinken, en ze was toch in de stad. Niet veel later volgde een ander sms-je. De gesprekspartner had toch ook stiekem wel een beetje zin om mij te zien en nog even een colaatje te komen drinken. Mijn geluk kon niet meer op, ik had en bewezen dat ik best wel ergens alleen heen durfde en dat alleen uitgaan helemaal zo eng nog niet is als ik altijd denk, zeker niet als het ergens is waar ik de ruimte ken en waar de bedoeling vooral is kijken en luisteren, en met de komst van Visje en de gesprekspartner werd mijn avond stiekem toch ook wel een beetje gezelliger dan als ik echt helemaal alleen geweest was.

Natte televisie

Als ik de deur uit stap bemerk ik dat het regent, alweer. Gisteren had ik me al nat laten regenen, vandaag heb ik daar geen zin in, ik ren vlug terug naar binnen om mijn paraplu te halen. Dan begint het grote gegoochel. Mijn paraplu/fiets coördinatie blijkt niet zo geweldig te zijn. Ik klungel maar wat aan en voel me een heus gevaar op de weg. Hoe moet ik sturen, hoe moet ik remmen of hoe moet ik afstappen? Wonder boven wonder kom ik redelijk droog en heel op mijn werk aan.

In mijn pauze wil ik snel even naar de markt om daar bij mijn theedealer mijn lievelingsthee te halen, die bijna op is. Omdat mijn geklungel met de paraplu nog vers in mijn geheugen staat besluit ik binnen door te lopen. Dat wil zeggen via het winkelcentrum. Ik overpeins mijn paraplu/fiets coördinatie en vraag me af waarom het andere mensen allemaal zo makkelijk af lijkt te gaan, terwijl ik het echt heel moeilijk vind. Kunnen die andere mensen gewoon beter twee dingen tegelijk? Of lijkt dat alleen maar zo en voelen zij zich in feite even grote klunzen als ik me voel? Terwijl ik dit overpeins valt mijn oog op een mega camera en een man met een microfoon. Ik meende er Piet Paulusma in te herkennen, daar heb ik geen zin in dus ik wil ze ontwijken, maar ik ben te laat.

“Hallo”, zegt de man waarvan ik dacht dat het Piet Paulusma was, maar waarin ik nu ik hem van dichtbij zie toch Ron Boszhard in meen te herkennen, “mag ik jou wat vragen”. Ik knik en voor ik het weet krijg ik een microfoon onder mijn neus en een camera in mijn gezicht.

“Wij zijn bezig met een onderzoekje over televisie en…”

“Ik kijk niet zoveel televisie”

“niet?”

“Nee, echt niet”

“ken je wel de grootste familie van Nederland”

“je bedoelt de Tros”, doe ik een wilde gok.

“ja die ja”

“Ja die ken ik wel”

“zou je met mij dan een keertje willen zeggen, de grootste familie van Nederland?”

“De grootste familie van Nederland?”

“Ja, en dan nu nog een keertje, maar dan zonder dat ik er doorheen praat”

“De grootste familie van Nederland?”

“Ja, juist ja”

“Nu ja, je kijkt verder niet zoveel televisie zeg je, dus dan zul je er ook wel niet echt een mening over hebben, wat weet je wel van de tros?”

“dat ze de grootste familie van Nederland zijn?”

“en verder”

“dat ze televisie voor gezinnen maken?”

“en dat is natuurlijk helemaal juist dames en heren”

Ik krijg een ferme klap op mijn schouder van de man die zowel Piet Paulusma als Ron Boszhard zou kunnen zijn. Hij glimlacht breed naar me. Ik ben dit bizarre gesprekje zat, ren de regen in om mijn thee te halen. Als mijn missie geslaagd is, is de cameraploeg verdwenen. Alsof het een grote hallucinatie was. Misschien was dat ook wel zo.

Moe

Ik ben de afgelopen weken zo moe dat het bijna onmogelijk is je voor te stellen dat een mens zo moe kan zijn. Eerst weet ik het aan te laat slapen en te vroeg opstaan. Maar daarvan moet ik nu toch wel weer hersteld zijn. Toen weet ik het aan de tijd die ik tegenwoordig verdeel tussen lief, de gesprekspartner, vrienden en mezelf. Maar ook daarin heb ik volgens mij een aardige balans gevonden. Misschien dat ik dan te veel werk, iets dat niet eens een gekke gedachten is, ik werk veel en graag, maar de afgelopen week wordt ik juist steeds vaker naar huis gestuurd omdat ik mijn over uren niet meer uit mag laten betalen en er stelselmatig te veel maak. En toch blijf ik maar moe.

Even dacht ik dat het aan mij lag. Maar om mij heen merk ik bij veel mensen een soort van futloosheid sinds de wintertijd haar intrede weer deed. Als ik een cd met visualisaties voor kinderen opzet zie ik ze heerlijk wegdromen. Dit momentje van rust van even helemaal niets hoeven lijkt ze goed te doen.

Ouders die hun kroost weer komen halen blijven extra lang plakken, sinds er rustgevende tonen uit de speakers komen. Stuk voor stuk reageren ze enthousiast, moeten ze de nijging onderdrukken er zelf bij te gaan liggen. Een gevoel dat ik maar al te goed ken. Maar kennelijk liggen moeders niet meer op de grond. BSO juffen wel, maar niet als er moeders staan te kijken.

En dus hangen wij tegen deurposten aan, zitten op stoelen, doen stiekem eventjes onze ogen dicht en dromen mee over regenbogen en bossen, over stranden en gebakjes. Over een winterslaap en een huishouden dat zichzelf doet. Heerlijk!

Sprookjes worden werkelijk

Soms worden sprookjes werkelijk. Dan komt er ineens een leuke gesprekspartner uit de lucht vallen die met de keer leuker blijkt te zijn dan je herinnerde van de vorige keer. Heb je een leuk lief die af en toe eens langs komt om een filmpje te kijken, een leuke baan met leuke collega´s en mag je ook nog eens sprookjes workshops geven bij je oud collega op school.

Ondanks het feit dat mijn leven dus een sprookje lijkt, met prinsessen en prinsen, met kikkers en gouden ballen, met echte heksen en giechelende kinderen was ik best wel een beetje zenuwachtig voor mijn eerste echte sprookjesworkshop. In mijn hoofd zat het allemaal wel goed, een leuk afwisselend programma waarin spel, verhalen vertellen en rust momenten elkaar afwisselden. Maar zou dat in de praktijk wel overkomen? Wat nu als die kinderen mij helemaal niet leuk vinden, of als ze de opdrachtjes die ik verzon eigenlijk maar stom vinden, of als ze eigenlijk iets heel anders bedacht hadden bij het thema sprookjes.

Op het moment dat ik de kinderen zag, en de kinderen mij zagen viel het over grote deel van die zenuwen weer weg. Ik stelde mezelf voor, liet de kinderen hun namen vertellen en begon met vertellen over een koningin die graag een kindje kreeg met haren zo zwart als ebbenhout, een huid zo wit als sneeuw en lippen zo rood als bloed. Als klein meisje heb ik dit sprookje verslonden, mijn stem vind het ritme waar ik zelf zo van genoten heb, de kinderen luisteren, knutselen, luisteren, koken, luisteren en visualiseren alsof het een lieve lust is. Nog voordat de toverappels af zijn staan de papa’s en de mama’s alweer voor de deur. De papa’s en mama’s genieten van het enthousiasme van hun kinderen. Ze bewonderen de toverspiegels, proeven een hapje van de appels en lijken voor even zelf ook weer in sprookjes te geloven.

Ik denk dat ik tevreden mag zijn, het ging nog niet allemaal van een leien dakje, maar het ging goed genoeg. Volgende week zullen we in de huid van Roodkapje kruipen. Ik ben benieuwd of deze dame net zo tot de verbeelding spreekt als Sneeuwwitje vandaag deed.

november 2009

ma di wo do vr za zo
            1
2 3 4 5 6 7 8
9 10 11 12 13 14 15
16 17 18 19 20 21 22
23 24 25 26 27 28 29
30            
Blog powered by TypePad

Laatst bijgewerkte weblogs