Mijn foto

Laatste reacties

W.I.E

web-log.nl, powered by TypePad

« april 2009 | Hoofdmenu | juni 2009 »

Kleur

Mijn leven kan wel wat kleur gebruiken besloot ik. Mama was het daar roerend mee eens, sterker nog, haar leven kon ook wel wat kleuriger. Het aanbod hier is vooral zwart, zwart en nog eens zwart. Ik pulkte een setje handboeien open in de hoop rode aan te treffen, maar hier op het treffen zijn ze natuurlijk alleen in het zwart te verkrijgen. Mijn ogen speuren de kledingrekken af, ik ontdek tinten zwart die ik nog niet eerder ontdekt had. Dan valt mijn oog op een knal roze boblijn pruik met pony! Ik ben verkocht, zo eentje zoek ik er al jaren tevergeefs. Mama vind een rode. Of ze daar ook al jaren naar gezocht had weet ik niet. Ik ben de rest van de dag blij als een kind met mijn nieuwe roze haar en lippen in het roodste rood.

004

Leipzig

De paraplu die ik inpakte zodat het niet zou gaan regenen bleek geen overbodige luxe. Terwijl in Nederland de zon scheen alsof het een lieve lust was regende het in Leipzig. Het leek niemand te deren. Overal liepen mensen in outfits die weinig verhullen. Soms kon er niet eens van een outfit gesproken worden. Mensen zager eruit alsof ze nog net nuchter genoeg waren wat ondergoed en een panty bij elkaar te sprokkelen en toen vergaten dat ze bezig waren zich aan te kleden. Ook hier kijkt niemand van op. Waarom zouden ze ook. De Leipzigers zijn al 18 jaar lang gewend dat hun stad een keer per jaar wordt overgenomen door Goths. Vijf dagen lang is daar iedere Pinksteren het grootste Gothic evenement van het universum. Bands en festivalgangers vanuit de hele wereld maken de straten van Leipzig onveilig. De straten kleuren zwart, hier en daar springen er wat neon kleurtjes tussen uit. Daar loopt een cybergoth weet je dan. Drie jaar geleden had ik hier ook gelopen. De mode is iets veranderd. De mondkapjes zijn veelvoudig aanwezig. Zouden mensen bang zijn voor de Mexicaanse griep of zouden ze zijn doorgeslagen in safe seks en dienen ze als befkapjes? Mensen met mega fototoestellen staan voor het hek opgesteld en bespringen iedereen die er net iets raarder uit ziet dan de anderen, alsof zij paparazzi en de door hen gefotografeerde objecten wereld beroemd. Ik sta er bij en kijk er naar. Met mijn groene jas ben ik een vreemde eend in de bijt. Hoe durf ik, had ik niet begrepen dat mijn jas ook zwart had moeten zijn? En dat kan mij dan weer weinig schelen. Ik heb het lekker warm en droog zo onder mijn paraplu. Mijn parasol laat ik alleen de volgende keer wel thuis. Dan gaat vast de zon schijnen…

Kusjes springen en ander bijgeloof

Springtouwen is de nieuwe rage. Zodra ik mijn neus op het schoolplein laat zien wordt ik door een groepje kinderen bestormt. `Juf wilt u weer draaien?’. Natuurlijk wil ik draaien. En als vanzelf komen de versjes die ik zelf in mijn kindertijd tijdens het springtouwen zong ook weer boven.

Rode bessen lust ik graag
Blauwe nog veel liever
Meisjes kussen doe ik graag
Jongens nog veel liever
Weet je wie ik tegen kwam?
(…..) en haar nieuwe man
Weet je hoe hij heet?
ABCDEFGH

Het is grappig te zien dat het al dan niet juist springen bepaald met wie je later gaat trouwen. Helemaal als het de begin letter van de naam van een klasgenootje is. Gegiebel en hilariteit alom. Wat het ook altijd goed doet is tellen hoeveel kusjes er gegeven worden. Ons record staat op 116.

Tringelingeling de school bel gaat
Waar kom jij zo laat vandaan
Ik heb met een jongen om de hoek gestaan
Hoeveel kusjes heb jij hem gegeven?
1 2 3 4 5 6

We zingen  het alsof ons leven er van af hangt. En er wordt gesprongen alsof je door veel te springen later vooral maar veel kusjes mag ontvangen. Volgens mij was ik niet bijzonder goed in het touwspringen, toch heb ik in mijn leven de nodige kussen ontvangen. Toen natuurlijk geen idee dat ik die liever van meisjes dan van jongens zou krijgen. Het werkt dus niet, ook de lippen van meisjes die niet zo bedreven zijn in springen, zullen gekust worden. Toch blijf ik me op mijn eigen manier vasthouden aan dit soort onzinnig bijgeloof. Als lief met adviseert vooral mijn parasolletje niet vergeten in te pakken voor mijn tripje Leipzig pak ik snel mijn paraplu. Hij zegt nog dat ik die echt niet nodig heb. Wat een onzin, natuurlijk heb ik die nodig, anders gaat het regen, verdedig ik mezelf. En voor de zekerheid spring ik ook nog maar een paar keer extra, stel je voor dat al mijn kusjes nu al op zijn. Beter spring ik een voorraadje bij elkaar. Je kunt immers niet goed genoeg voorbereid zijn.

Filosofie

Als ik mijn mams aan de telefoon heb snap ze direct dat het homeles is. Ondanks dat ze een avondje relaxen met Stiefpapa had gepland springen ze in de auto om mij op te halen en mee te laten relaxen. Ik sputter tegen, zij hadden een avondje voor twee in gedachten en ik heb nog zoveel groentes liggen waar ik echt vandaag mee moet koken. Maar ze luisteren niet. Als ze even later voor de deur staan is mijn gezicht betraand. En hoewel ik erg van eigen verantwoordelijkheden ben voelt op dat moment niets fijner dan een mama die bepaald wat er gaat gebeuren.

In de auto probeer ik me groot te houden. Ze hebben zelf ook al zoveel aan hun hoofd. De zorg voor Zusje en haar Baby zorgen voor voldoende stres, het zou niet eerlijk zijn mijn stres ook bij hen neer te leggen. Zij denken hier anders over. Ik ben er de afgelopen weken tenslotte ook steeds geweest om dingen te regelen voor de baby uitzet en de nodige emotionele steun. Zonder mijn lieve vriendinnetjes had dit overigens niet zo snel gelukt. Shop vriendin en Visje en haar vrouw hebben al hun netwerk talenten ingezet en samen hebben ze de hele uitzet bij elkaar gesprokkeld. In slechte tijden leer je je vrienden pas echt kennen wordt er vaak geroepen, meestal door mensen die nooit slechte tijden mee maken, mijn leven is niet lala, ik ken mijn vrienden.

Als we Den Haag binnen rijden besluit mams dat het tijd is om naar de Wits te gaan. “De wat?” stamel ik nog. Veel tijd voor stamelen is er echter niet.   De Wits blijkt een eetgelegenheid, bar, club gebeuren te zijn. Een paar maanden geleden was het nog een bruin Café en werden er opnamen voor een pokershow op televisie gemaakt. Nu is het vooral erg hip. Mijn stiefpapa wijst naar een tekst boven de bar. `Er zit meer filosofie in 1 fles wijn dan in alle boeken van de wereld´ valt er te lezen. Ik neem de proef op de som en bestel een glas. Filosofie lijkt me een goede remedie tegen mijn stres volle bestaan. Mama besluit dat eten een goede remedie is tegen een knorrende maag. Hoewel Stiefpapa en ik nog in filosofie modus zitten kunnen we hier niets tegen in brengen en dus wordt er een tafeltje geregeld.

Het eten in de Wits bleek een lust voor het oog en de maag te zijn. Wij lieten ons verassen met een driegangen verassingsmenu. En werden aangenaam verrast. Ik bestelde nog een glas filosofie, het werkte we filosofeerde erop los. De vraag der vragen kwam aan bod. Waarom zijn wij hier en niet in Leipzig? Niemand had een goed antwoord, ik had wel een boel redenen om wel te gaan, van Langen, Opeth, geen Omnia, meer redenen hadden we eigenlijk niet meer nodig. We reden naar huis en pakten koffers. Leipzig wir kommen!

Opboksen

Visje had gelijk. Met een man hardlopen is niet hetzelfde als met een vrouw. Met een man ga je niet even je liefdes en seks leven bespreken. En ja hij ging hard, harder dan Vis, maar dat is voor mij wel goed. Nu was ik degene die met een rood hoofd bij mij de woonkamer binnen stapte en het ineens toch wel een beetje zwaar vond. Neelis keek mij aan alsof ik me zwaar aanstelde. Dit viel immers best mee. Ik verzweeg maar hoe lang wij al trainen om die zes minuutjes achter elkaar door te kunnen lopen.

Maar dat zijn verschillen waar nog wel mee te dealen valt. Wat ik lastiger vind om te verwerken is dat er na het lopen geen kopjes thee worden gedronken omdat we nog steeds niet uitgepraat zijn over ons liefdes en seks leven. Zelfs als we elkaar drie keer per week zien raken Vis en ik hier niet over uitgepraat. 

Vandaag ging dat dus wel even anders. Na het lopen eindigde we samen voor de tv en kijken voetbal onder het genot van een pizza. Ik vrees dat ik nu nog maar een stap verwijderd ben van met Lief, cola en chips een potje boksen te bekijken. Wordt er toch nog iemand blij van deze mannelijke invloed.

Loop maatje

Sommige mensen ken je al zo lang dat je aan een half woord genoeg hebt en toch precies weet wat er bedoeld word. Daarvoor hoef je elkaar dan niet eens dagelijks te zien of wekelijks te spreken. Je bent zo op elkaar afgestemd dat meer niet nodig is.

Neelis?

Ja?

Jij wilde toch beginnen met hardlopen?

Ja, hoezo?

Nou, Visje wil na de 14e dus stoppen…

Ah, en nu dacht jij?

Ja precies!

Oké, dan ga ik van de week wel even schoenen halen. Wanneer beginnen we?

Als ik de telefoon uitdruk, ophangen is er met alle mobieltjes immers niet meer bij, kijk ik beduusd naar het toestel. Dat ging makkelijk! Als ik nog weer later Visje vertel over mijn nieuwe loopmaatje kijkt ze me nog beduusder aan. Misschien wil ik wel helemaal niet stoppen fluistert ze. En dan ga jij natuurlijk veel harder rennen omdat je met Neelis mee wilt rennen, en jij dan denkt dat je dat ook kunt, dan ben je halverwege kapot, ik denk dat je het niet moet doen. Ik stel nog voor dat we best met zijn drietjes kunnen lopen, maar het sociale gebeuren is dan natuurlijk niet hetzelfde. Wij bespreken meisjesdingen met elkaar. Dat kan niet met een jongen erbij. En zo heb ik ineens 2 loopmaatjes.

Ruimte Elfje

`Jullie gaan een ruimte elfje maken´, zegt de meneer die de vergadering voorzit. Om me heen zie ik mensen verschrikt kijken. Zij kwamen hier om te luisteren, vragen te stellen en hopelijk wat wijzer weer de deur uit te gaan. Nu moeten ze ineens dingen gaan doen, daar was niet opgerekend. Ik begin enthousiast te tekenen.  Een elfje met een raketrok waar de vlammen uit omhoog springen, lijkt mij een goede interpretatie van een ruimte elfje. `Wat doe jij nu´, vraagt de vergadervoorzitter. `Ik maak een ruimte elfje, precies zoals je ons opdroeg´. Dat was dus niet de bedoeling. Teleurgesteld  berg ik mijn teken spullen op. Een elfje is een dichtvorm. Jullie gaan dus een elfje dichten over de ruimte en je voorwerp moet er ook in terug komen. `Huh, voorwerp, daar vertelde je niets over. Wat voor voorwerp dan?’ Hij wijst naar een kussen waar voorwerpen op uitgestald liggen, strakjes moeten we een voorwerp kiezen en na aanleiding van het voorwerp iets over onszelf vertellen in groepjes van drie. ‘Ah zo!’

En zo zit ik dus op maandagavond mezelf aan volkomen vreemden te introduceren met een doosje bandenplaksel in mijn handen. Want ik denk dat als ik zelf mijn ketting kan smeren de volgende stap is dat ik zelf mijn banden kan plakken. En dat ik het enthousiasme waarmee ik zelf dingen uit wil proberen ook op de kinderen kan overbrengen. Waar ik het vandaan haal weet ik zelf ook niet, maar niemand protesteert dus het zal vast ergens logische klinken.

Ruimte

Elfjes fietsten

Tussen planeten door

Plakken zelf hun banden

Sterrenstof

Maurice de Hond

Vis…

Ja?

Ik vind die meneer eng.

Welke meneer?

Die, en ik wijs naar een reclame poster van de Nederlandse energie maatschappij

Je bedoelt Maurice de Hond?

Is dat Maurice da Hond? Die van de opiniepeilingen?

Ja, wist je dat niet? Hij is ook van de Deventer moord zaak.

Oh!

Waarom kiezen ze hem voor deze reclame?

Omdat hij Maurice de Hond van de opiniepeilingen is, dat klinkt betrouwbaar. En dan wil iedereen die stroom, denken ze.

Zelfs als hij eng kijk?

Hij kijkt niet alleen eng, hij is ook eng!

Zullen wij dan maar gewoon bij Eneco blijven?

Dat is altijd een goed idee. Bij de Nederlandse energie maatschappij lichten ze je namelijk op.

Dus eigenlijk is dit een hele goede campagne?

Als iedereen zo denkt als jij wel ja!

IJsje?

Samen slenteren we naar de ijscoman. Likkend vergeten we enge oplichters en moordzaken. Het leven is goed zoals het is.

Ska in de Exit

Er is een avondje Ska in de Exit. Door Ska wordt ik weer 16. Sta ik weer samen met Jelle op Spijkpop her en der vuurtjes uit te delen. Ik dans op dezelfde tonen als toen, maar als ik tegen Jelle wil roepen dat ik best een biertje lust komt lief aan met een wijntje. Jelle is uit lang vervlogen tijden, lief is nu de realiteit. Zou hij zich ook tien jaar jonger voelen door ska? En als wij elkaar toen tegen hadden gekomen, wat had er dan gebeurd. Het zou kansloos geweest zijn. Hij ontmoete toen net zijn vrouw. Misschien wel op dat zelfde moment. “Jeetje, dit heb ik echt al 20 jaar niet meer gehoord”,schreeuwt lief boven de muziek uit. Mijn gedachten gaan terug naar mij in 16 jarige gedaanten en hem als 20 jarige. Het zou niet minder kansloos geweest zijn. Mijn aandacht ging zeker toen uitsluitend uit naar vrouwen. Onbewust brak ik harten van jongens die mij leuk bleken te vinden. Ik kon me dat maar moeilijk voorstellen. Dacht dat ze grapjes met mij uithaalden en werd kous als ijs. Met een breekijzer kon je de muur die ik om mij heen optrok nog niet kapot krijgen. De drie biggetjes hadden bij mij in de leer moeten gaan. Dan hadden hun huisjes niet zo gemakkelijk om te blazen geweest. Mijn voeten lijken als vanzelf weer te weten hoe ze moeten bewegen. Ik vergeet alles om mij heen. Heden en verleden, fantasie en realiteit ze lopen door elkaar heen en alles lijkt mogelijk. De mensen lijken op mensen van toen. Er komen namen in mijn gedachten naar boven waar ik al tijden niet meer aan gedacht heb. Hoe zal het met ze zijn? Wat doen zij tegenwoordig? En als ze op een avondje als dit zijn denken ze dan ook aan mij? Lief kust mij wakker, langzaam kom ik terug naar het heden. Is hij over tien jaar ook een herinnering aan een avondje ska dansen? In de taxi terug naar huis denk ik aan de ska liedjes die stiefpapa in de auto draaide. In mijn bed duizel ik nog even na van al het tijdreizen. Op de tonen van “Shame and scandal in the family” val ik uiteindelijk in een diepe slaap.

Sarah Jessica Parker rokjes

Ieder meisje droomt natuurlijk van Sarah Jessica Parker rokjes. Roze tule, roosjes en strikjes, daar worden meisjes blij van. Alleen zijn er niet zo heel veel gelegenheden waar je dat soort rokjes naar aan kunt. En ik heb al een rode, een zwarte en nog een rode. Dus liet ik het geweldige exemplaar van het aller zachtste tule ooit, hangen toen ik er tegen aan liep. Want net iets te Sarah Jessica en te weinig Laura.

Inmiddels ben ik samen met Visje behoorlijk aan het trainen voor de Adidas Lady´s run. Nu klinkt rennen in een rokje niet heel praktisch en rennen in een Sarah Jessica Parker rokje klinkt wellicht nog minder praktisch. Daarnaast klinkt Visje en een rokje ook niet als iets dat ik te vaak in een zin zou gebruiken.  Toch heb ik enkele weken geleden 12 meter tule, roosjes, strikjes, kantjes en elastiek gekocht met het doel er geweldige ren rokjes van te maken. Als je deelneemt aan deze run steun je daarmee namelijk pink ribbon. Uit de verhalen van de mensen die vorig jaar mee liepen blijkt het een nogal over de top gebeuren te zijn waar mensen in de meest belachelijk roze outfitjes rond rennen. Wij kunnen dan natuurlijk niet achterblijven. En dus kroop ik vandaag bij shopvriendin achter de naaimachine. In minder dan geen tijd werden de meters stof omgetoverd in vier rokjes. Ik was enigszins verbaasd dat iets dat door mij verzonnen is en daarna door mij in elkaar gezet er toch nog redelijk uit kan zien. Maar ik ben best tevreden.

Nieuwsgierig naar het resultaat? Op 14 juni zijn ze in het wild te bewonderen. Om 12.30 uur zullen we van start gaan aan de zuidzijde van de Erasmusbrug.

Vrienden van vrienden

In de kinderopvang zijn we bijna altijd open. Juist in vakanties hebben ouders de opvang nodig als geen ander en verzinnen wij leuke programma´s boordevol afwisselende activiteiten. Van knutselen tot bezoekjes aan speeltuinen, van koken tot lekker voetballen en van musea bezoekjes tot speurtochten. Daarom zijn we altijd extra blij met eens een dagje zomaar vrij. Hemelvaart is kennelijk een reden om zomaar vrij te zijn. Nu ik er redelijk doorheen zit, voelde dit helemaal als een cadeautje.

Ik kreeg een uitnodiging voor een feestje hier en een partijtje daar, maar ging nergens op in. Het enige dat ik wil is niet zo moe zijn en me weer energiek en vrolijk voelen. Gelukkig werkt het weer mee. En zo werd dit de dag van Bas terras en anderen vrienden van vrienden. Op de een of andere manier kom ik bekende tegen in de pub wat de stamkroeg van mijn lief is/was en komt lief altijd bekende tegen in Capelle waar het logischer zou zijn dat ik er mensen zou kennen.

Als we dus besluiten dat het restantje brood dat ik nog heb echt niet genoeg is om nog een brunch te fabriceren en naar het eetcafé hier om de hoek gaan blijkt dat terras vol te zitten met mensen die hij kent. Van eerste liefdes tot conculega´s ze zijn allemaal vertegenwoordigd. Ik schud handjes en babbel er op los, toch voel ik me een beetje eenzaam tussen de vrienden van vrienden van vrienden dus schakel ik een hulplijn in. Even later komt Visje mij vergezellen. Samen kunnen wij deze overmacht aan grote mensen wel aan. Terwijl zij de wereldproblematiek bespreken hebben wij het over hele belangrijke dingen. Zoals acrylnagels, meisjes met lelijke kapsels, seks, dansen en uhhh toch maar weer seks. Lief zit verwikkeld in een discussie over Polen, Rusland en oorlogen. Met een half oor luistert hij met ons mee. Net genoeg om het woord seks op te vangen en zo van zijn à propos te raken dat hij niet meer weer wat hij ook al weer wilde zeggen over Polen, Russen of oorlogen.

Kortom, wat ik maar wil zeggen, ik had best een lekker dagje vandaag. Met mijn wijntje, lief, vriendinnetje en bekenden van lief die weer leuke terras anekdotes wisten te vertellen over stamgasten als Bas Terras. En als dit tafereel u nu verdacht bekend in de oren klinkt omdat u toevallig naast ons zat, schroom u niet een volgende keer, schuif aan en wees een bekende van mij.

Popquiz

Ons Lotte en ik hebben vanaf het moment dat we elkaar voor het eerst zagen al zo´n beetje het idee om mee te doen aan de popquiz in Ro-Town. Nu hebben we wel meer ideeën waarvan 80% nooit wordt uitgevoerd. Variërend van eens overdag in Rotterdam zijn en een bezoekje brengen aan mijn favoriete boekenwinkeltje tot op vakantie gaan naar New York. Wij blijven erop vertrouwen dat het ooit wel goed komt en plannen vrolijk door. Onze nieuwste plannen beslaan zomerse hobby’s. Stijldansen, zilversmeden en beeldhouwen leken ons wel geschikt. Omdat we er niet echt op gebrand zijn onze plannen uit te voeren en vooral in het land van ooit leven hadden we niet in de gaten gehad dat het alweer tijd voor de jaarlijkse popquiz was. Lief, die kennelijk ook op de hoogte was van deze plannen had het wel bijgehouden. En zo gebeurde het dat ik niet met Ons Lotte maar met Lief naar Ro-town toog. Het idee was om gewoon te gaan kijken. Ik zou dan alvast kunnen zien wat voor vragen er gesteld worden, zodat Ons Lotte en ik volgend jaar goed voorbereid deel kunnen nemen. Maar lief had andere plannen. Er was een vriendinnetje van hem die wel een team had en als we lief waren mochten we aansluiten. Ik werd al snel lief gekeurd, en het vriendinnetje bleek uitermate knuffelbaar. Mijn pop kennis was zo gering als ik al dacht. Die van lief was belachelijk goed, ook dat had ik al gedacht. De rest van het team zat ergens tussen ons in. Het was al met al goed voor een 26e plaats van de 50. Volgend jaar maar ik een onverslaanbaar team. Want ik weet zeker dat niemand op kan tegen High school lover, Ons Lotte, Lief, Zusje en Visje. We hebben nog een jaar om ons voor te bereiden jongens! En het vriendinnetje van Lief mag best bij ons aansluiten, als ze lief is.

Geld speelt geen viool

Als Ons Lotte en ik samen bij Ernest zitten wordt ze ineens helemaal enthousiast. Een van haar helden treed binnenkort op in de Doelen. Nu heeft Ons Lotte nogal veel helden, maar zelden waren deze niet de moeite waard dus ik ga mee op haar flow van enthousiasme. Bovendien is dit een exemplaar waar ze mee wil trouwen.` Niet om haar geld hoor` vertrouwd ze me toe, `maar om haar viool`. Viktoria Mullova heeft meerdere prachtige violen en zij kan er toch maar op een tegelijk spelen.  Ik moet denken aan Lotte´s spaarpot, ´geld speelt geen viool´prijkt daarop. En natuurlijk heeft haar spaarpot daar gelijk in.

Een week later zitten we dan in de Doelen te genieten van het concert. `Wat is ze mooi hé´ fluistert Lotte. Ik kan nu moeilijk zeggen dat ik Lotte zelf mooier vind dan Viktoria dus ik knik. Als de muziek stopt begint het publiek te kuchen. Lotte had hier al voor gewaarschuwd. Het hoort er kennelijk bij. Als dat zo is snap ik niet waarom ze in de pauze dan geen hoestdrankjes aanbieden in plaats van koffie en thee.

Iedere keer als er weer mensen begonnen met kuchen keken Lotte en ik elkaar aan en moesten ons best doen een lachbui te onderdrukken. Maar als er een  grootheid als Viktoria op het podium staat kun je natuurlijk niet door het concert heen gaan zitten lachen. Dus weten we ons in te houden. Voor de pauze had het me enige moeite gekost me met de muziek mee te laten slepen. Ik wilde weer zo graag dat meisje van vier zijn. Dat zich in theater de Stoep mee liet voeren op de tonen van de koffieconcerten. Ik dacht dat het aan mij had gelegen. Dat ik oud begon te worden, te oud om me nog mee te laten slepen en in mijn hoofd plaatjes van groene weide en konijntjes te zien. Maar Lotte had het ook gehad. Zij kon precies de oorzaak aanwijzen. Ik was opgelucht.

Gelukkig werd het na de pauze goed gemaakt. Viktoria speelde de sterren van de hemel. Ik zag dan misschien wel geen groene wijden en konijntjes. Maar de muziek wist me te raken en heel eventjes was ik weer vier.

Alleen

Meisje:“Juf?”

Ik:“Ja?”

Meisje:“wat is er?”

Ik:“Jij vraagt iets aan mij, daar geef ik antwoord op. Ik ga er vanuit dat er dan iets met jou is.”

Meisje: “Ja dat klopt, maar toch denk ik dat er iets met u is.” 

Ik: “Oh?”

Meisje:” Waarom staat u hier helemaal alleen?”

Ik: “ Omdat hier niemand staat en ik graag wil zien wat de kinderen hier aan het spelen zijn.”

Meisje: “ Maar waarom gaat u dan niet gezellig met de andere juffen kletsen?”

Ik: “Omdat die juffen aan het touwtjespringen zijn en er hier ook iemand moet staan”

Meisje: “ Maar er kan toch ook een kindje gaan draaien, dan kunt u ook met de andere juffen praten en bent u niet meer zo alleen.”

Ik moet even slikken, dit meisje weet in dit korte gesprekje precies weer te geven hoe ik me de afgelopen tijd heb gevoeld op mijn werk. Alleen! Inwendig moet ik erom huilen,dat zij dit wel ziet, maar mijn collega’s niet. Dat het kennelijk zo erg is dat kinderen het zien. Ondanks dat ik zo mijn best heb gedaan dit niet te laten merken. Sterker nog ik verstopte het zo goed dat ik het zelfs voor mezelf verstopte. En daar ga ik vrolijk mee verder, we spelen 10 tellen in de rimboe tot de bel gaat, het sein dat we weer naar binnen moeten. We hebben zoveel lol met elkaar dat wij de laatste zijn. Even vergaten we plaats en tijd. Toch raak ik dit verdrietige gevoel niet meer kwijt.

BHV

Bij mijn vorige werkgever werd ik erin geluisd. Het zou zo handig zijn als ik mijn BHV zou halen, want ik werkte tenslotte iedere dag tot half zeven. Omdat ik de enige was die iedere dag tot half zeven werkte had dat ook heel logisch geklonken. Ze vertelde er alleen niet bij dat het een verantwoordelijkheid is die eigenlijk niemand wil hebben. En dat je er daarom dus ook nooit meer vanaf komt. Zodoende ga ik nu een keer per jaar netjes op herhaling. Het bleek dat het alweer een jaar geleden was. Het voelde helemaal nog niet als een jaar geleden. Sterker nog het voelt als gisteren, dat ik brandjes bluste en vlam in de pan behendig wist te verhelpen.  Maar ik vertrouw erop dat mijn werkgever dit beter bij houd dan ik.

Ik had er een beetje tegen op gezien. Normaal ga ik samen met mijn collega, maar collega lief is op vakantie dus moest ik alleen. Met mijn verdwaaltalent niet iets dat ik heel prettig vind. Gelukkig waren de goden mij goed gezind deze morgen. Nog voordat ik het adres waar ik moest zijn op mijn googlemaps had kunnen invoeren zag ik een collega van een andere vestiging op een kaart turen. Twee weten meer dan een was mijn gedachten dus sprak ik haar aan. Zij had duidelijk geen idee wie ik was, maar vond het allang best dat ik ook naar de cursus moest, bovendien had ik nuttige informatie dus liepen we samen op.  Gaande weg kwam ze erachter wie ik was en schudde we nog even handjes.

Kennelijk  zorgde het samen oplopen voor een band. Want na het reanimeren en beademen werden wij een onoverwinnelijk brand blus team. In een donkere container die vol rook stond vonden wij met twee maal zoveel power onze richting op de tast. En bluste op doortastende wijze het brandje. Dat we vergaten de andere kamers te controleren en zodoende het overslaan van de brand over het hoofd hadden gezien vergeten we voor het gemak even. We staan dan ook niet meteen te popelen om onze baan op te zeggen en brandweervrouw te worden.  Maar we voelen ons wel weer zeker genoeg van onze zaak om er weer een jaartje tegen aan te kunnen.

Portugees

Naast mij in de metro zit een man een boekje te lezen. Nieuwsgierig als ik ben kijk ik vanuit mijn ooghoeken wat hij leest. `Hoe en wat Portugees´ staat er op de cover. Het boekje ligt open bij het hoofdstukje `iemand versieren´. Ik stel me zo voor dat hij zich door grammatica en uitspraak heen worstelt om zijn grote liefde uit Porto om haar hand te vragen. Zijn enige houvast is deze Hoe en wat. Het hoofdstuk hoe vraag ik mijn grote liefde uit Porto ten huwelijk ontbrak. Hij lijkt me geen type om een lief in Lissabon te hebben. De man stapt uit, zijn vinger blijft als een bladwijzer tussen de pagina´s steken. Een gebaar zo teder, zo romantisch. Ze zegt vast ja.

Dansen

Een tijdje terug hadden Visje en Dolfijn die geen Dolfijn bleek te zijn maar een Zeehond hun eerste danswedstrijd gehad waar ik foto´s mocht maken, support mocht zijn en visagist. Vandaag hadden ze hun vierde wedstrijd. De tussen liggende twee had ik gemist dus ik zag een groot verschil. Om te beginnen waren de dames een stuk minder zenuwachtig, ik trouwens ook. Zij wisten wat ze konden verwachten en ik mocht dit keer filmpjes maken, dat is makkelijker dan foto´s. Ook over de make-up voelde ik me zelfverzekerder. Ik ben nog steeds gaan natuurtalent, maar van ons drie heb ik er het meest verstand van en die overtuiging deelt de rest ook met mij. De meiden voelde zich ook een stuk zelfverzekerder op de dansvloer en dat straalde ze uit. De gezichtjes stonden minder krampachtig, de houding zag er een stuk mooier uit. Het ging zo goed dat ze zichzelf een finaleplaats bij de ballroom binnen dansten. Iets waar ze wat mij betreft supertrots op mogen zijn.  Bij de Latin ging het wat minder. Mijn conclusie is ook dat Latin beter werkt bij mannen koppels en ballroom bij vrouwen koppels. Op de een of andere manier weten vrouwen bij ballroom net iets meer te spelen met mannelijkheid en vrouwelijkheid, iets dat daar echt nodig is om het er mooi uit te laten zien. En weten mannen bij Latin net dat beetje souplesse erin te leggen dat vrouwen koppels dan weer missen. 

Visje probeerde ook dit keer mij weer aan het dansen te krijgen. Ze zag het als haar persoonlijke taak mij daar onderricht in te geven. Dus gingen mijn voetjes ook van de vloer op cha cha cha’s, jive’s, walsen en quick step’s. Omdat ik in een grijsverleden mijn brons heb afgerond herinnerde ik me de basisstapjes nog wel, was het alleen een kwestie van feeling. Maar Visje bleek een goed leider en warempel ik kreeg er nog plezier in ook. Maat houden lukt nog steeds niet, we vlogen er dan ook steeds uit. Maar die pasjes kwamen boven drijven alsof het kinderliedjes zijn die je leert als je 4 bent maar ook nooit meer uit je gedachten verdwijnen. Die soms ineens meestal op ongewenste momenten overigens komen boven drijven. Ineens wist ik weer wat ik moest doen als er slow, slow, quick, quick, slow werd geroepen. Sterker nog bij sommige pasjes kreeg ik eindelijk door wat ik toen ook al verkeerd deed. Je kunt wel stellen dat ik de smaak te pakken kreeg en het had niet veel gescheeld of ik had me aangemeld bij een dansschool. Er blijft echter een probleem over. Een danspartner. Want als ik tijdens de blauwe maandagen van mijn danscarrière een ding geleerd heb dan is het wel dat ik nooit meer zonder vaste partner ga dansen. Gek werd ik van de klunzige jongentjes die over hun eigen voeten struikelden maar ondertussen wel mij moesten leiden. Nog gekker werd ik ervan dat het iedere dans andere jogentjes waren die zich geroepen voelde die taak op zich te nemen. Een enkele keer wist ik lang genoeg op de wc te blijven plakken om met iemand van goudster te mogen dansen, als ik helemaal mijn geluksdag had mocht ik nog met een meisje ook. Maar mensen van goudster vergeten weer zo vaak dat jij nog maar een beginner bent dus dat was ook niet altijd even succesvol.

Het komt er dus op neer dat ik me er voorlopig maar in specialiseer een goede danshooligan te zijn. In de maat mee klappen lukt al aardig, dan blijk ik het ineens wel te kunnen. En ook in het nummers schreeuwen ter aanmoediging wordt ik al beter. Ik moet me alleen nog een klein beetje over de schaamte heen duwen. Maar dat valt te trainen.

Depressievirus

Ik weet niet wat er deze week aan de hand was. Het lijkt wel alsof er een depressievirus heerst. Nergens loopt het op rolletjes. Iedereen lijkt moe en prikkelbaar te zijn. Ik heb ook nergens zin in. Mag ik niet gewoon een weekje in mijn bed blijven liggen? En dat we dan afspreken dat als ik volgende week weer onder de mensen kom iedereen weer vrolijk en aardig is? Dat mensen zingend drankjes bestellen en iedereen van elkaar houd. Dat een ieder elkaar knuffelend in de armen valt. Dat mensen elkaar weer gedag zeggen op straat. Dat iedereen weer lief is. En vooral dat iedereen mij met rust laat.

Huilen

`Je mag niet zo snel huilen, je bent een jongen, vergeet dat niet, jongens huilen niet zo snel, huilen is voor meisjes´, hoor ik mijn collega tegen een van de kinderen zeggen. Ik weet niet wat ik hoor. Ik weet ook niet hoe ik moet reageren. Moet ik boos worden? Moet ik gaan lachen en vragen of ze een grapje maakt? Moet ik het negeren? Misschien moet ik wel gewoon vragen of ze een jaar of 50 terug in de tijd is gegaan. Jongens die niet mogen huilen! Wat een ouderwets idee. Zullen we dan ook meteen de vrouw weer als enige recht het aanrecht geven? Krijg je weer een generatie jongens die niet weten hoe ze met gevoelens om moeten gaan. Emotioneel instabiel, want huilen mag niet, dus kroppen we alles op en wachten we tot de bom barst.

Het lijkt me erg ongezond om niet te mogen huilen, dus ik besluit mijn collega erop aan te spreken. Ik vraag of ik het goed hoorde, en waarom jongens dan niet mogen huilen. Weer komt ze niet verder dan te beweren dat huilen voor meisjes is. En dat jongens gewoon niet zo snel mogen huilen omdat ze nu eenmaal jongens zijn. Dus jongens mogen niet huilen als ze pijn hebben? “Jawel” antwoord mijn collega, “maar niet zo snel”. Ik maak duidelijk dat ik het verschil een beetje vreemd vind. Ik ben het met haar eens dat niet overal om gehuild hoeft te worden, maar waarom onderscheid maken tussen jongens en meisjes? Waarom zouden meisjes wel snel mogen huilen? Er komen wat ouders binnen die zich met het gesprek bemoeien en allemaal vinden ze het vreemd dat ik vind dat jongens wel mogen huilen. Jongens moeten stoer zijn is hun devies en ze vrezen nu al voor mijn kinderen die ik niet eens heb. Ze denken dat ik mama’s kindjes op ga voeden, alleen omdat ze mogen huilen.

Ik laat ze kletsen, ik weet wel beter. En de kinderen bij ons op de BSO die huilen troost ik alsof mijn leven er van af hangt. Kom maar kindjes, huil maar en zachtjes zing ik voor ze terwijl ik ze wieg. In mijn armen worden ze weer rustig, zien ze dat het allemaal best wel mee valt. Mijn stoere meiden en kereltjes! Huil gerust zoveel je wilt!

Speurtocht

Toen mijn huisgenoot een tijdje terug op mijn blog las dat ik met shopvriendin in Amsterdam was verdwaald keek hij mij met grote ogen aan. `Hoe kun jij nu verdwalen´, had hij uitgeroepen. Een uitroep die er voor zorgde dat ik hem nu ook met grote ogen aan keek. Hallo in de 9 jaar dat we elkaar nu kennen moet hij mijn verdwaaltalent toch wel een keertje opgemerkt hebben. Loesje´s `ga je mee  verdwalen, ik weet de weg´ is mij op het lijf geschreven. Ik kan een winkel inlopen, daar iets kopen en als ik de winkel een half uurtje later weer uit kom niet meer weten of ik nu van links of rechts kwam. Ik heb er redelijk mee leren leven, en heb overal hulplijntjes zitten die ik kan bellen als ik er echt niet meer uit kom. Het gebeurd eigenlijk maar zelden dat ik ergens niet naartoe ga omdat ik bang ben te verdwalen.

Huisgenoot en ik zaten elkaar nog steeds met grote ogen aan te kijken toen hij mij erop wees dat ik googlemaps op mijn telefoon heb. Ik keek hem niet begrijpend aan. Ik gebruik mijn telefoon om mee te bellen en te sms-en, een enkel keertje om een potje mee te bowlen, maar daar houd het dan wel weer mee op. Dat schijnt dus hopeloos ouderwets te zijn. Je moet er op youtubben, msn-en, surfen op het web en nu dus ook googlemappen. Ik weet dat het kan, maar ik wil me er meestal gewoon niet in verdiepen. Toch leek dit een applicatie die handig kan zijn. En toen Dolfijn, de vrouw van Visje vroeg waar mijn moeder woonde om daar een lading baby spullen af te kunnen leven tikte ik het adres in op mijn telefoon. Wij weken van de route af, maar het stipje dat wij kennelijk waren kwam steeds dichter bij de door google beoogde route en even later liep het stipje zelfs gelijk met het streepje dat deze route aan gaf.

Toen ik vorig weekend bij restaurant Blabla wilde gaan eten, en de enige gegevens die wij hadden bleek te zijn dat het ergens in de buurt van metrostation Delftshaven was, besloot ik googlemaps weer in te zetten. Voor voetgangers bleken ze zelfs een streetvieuw te hebben met foto’s. Ik werd enthousiast, mijn leven zou voortaan een grote foto speurtocht worden. En bovenal ik zou alles kunnen vinden. Mijn gezelschap was een stuk minder enthousiast en besloot gewoon old fashion de weg te vragen.  De mensen waaraan ze dat vroeg zeiden iets heel anders dan mijn googlemaps. Maar ik had hier ervaring mee, uiteindelijk zouden stipje en streepje vast wel weer bij elkaar uit komen. Zo geschiede en uiteindelijk vond ik het restaurant als eerste. Een ding was alleen wel een beetje jammer. Aan de deur hing een groot slot. Voor de deur lag er een stapel posters en folders alsof er al zeker een maand niemand meer was geweest. Had google ons dat niet kunnen vertellen en dan meteen een ander restaurantje aan kunnen raden? Omdat google in gebreken bleef gaven we onszelf maar wijze raad. En liepen zomaar ergens binnen, waar het er gezellig uitzag. Vroeger lukte dingen toch ook zonder mobieltje? Dan maar hopeloos ouderwets! Ik stop het mobieltje in mijn tas en haal het er de rest van de avond niet meer uit. 

Visje op het werk

Visje komt spontaan langs op mijn werk. Juist als zij binnen loopt zeg ik tegen een van de kinderen dat ik niet van plan ben naar hem te luisteren, hij luistert overduidelijk ook niet naar mij. Al zes keer had ik gevraagd of hij de krijtjes op wilde ruimen, nog steeds liggen ze door de hele tuin verspreid. “Nee, ik luister pas weer naar jou als jij naar mij luistert en eindelijk eens gaat opruimen” sluit ik mijn betoog af. “Ik leer je hier van een heel andere kant kennen”, zegt Visje. Ik weet dat ze gelijk heeft. Door mijn voorkomen lijkt niemand te kunnen vermoeden dat ik ook een strenge juf kan zijn. Zelfs mensen die dit wel weten blijven zich erover verbazen of willen het maar niet geloven. Gelukkig geloofd dit jongetje het wel, hij ruimt de krijtjes op.

Goudlokje

De meisje spelen met mijn haar. Soms houd mijn werk niet heel veel meer in dan een levende kappop zijn. Als ze me niet aan hoeven kijken komen vaak de verhalen als vanzelf. Dingen die te eng of te persoonlijk zijn om te vertellen als ze je wel aankijken. Dus laat ik ze spelen. Ondertussen luister ik naar de verhalen. Van kattenkwaad tot ruzie´s op school. Van toekomstdromen tot wensen op korte termijn, ze komen voorbij terwijl er aan mijn hoofd geplukt wordt. Het resultaat is nooit mooi, toch doe ik altijd alsof ik het prachtig vind. En loop ik soms een halve dag met de door hen gecreëerde vlechtjes en staartjes rond. Goed voor het zelfvertrouwen van de meisjes. Vandaag zijn de meisjes ook goed voor mijn zelfvertrouwen. `Juffrouw´, zegt een van hen, `uw haren zijn zo mooi dat ze wel van goud lijken. Ik wist niet dat goudlokje echt bestond en dat ze gewoon BSO juf kon zijn.´ Mijn dag kan niet meer stuk. In het sprookje van mijn meisjes ben ik juf goudlokje. Wat kan ik anders doen dan stralen?

Moederdag

Moederdag wordt al jaren niet meer gevierd bij ons. Mama is ook in mei jarig en wil ons vooral niet verplichten op deze dag langs te moeten komen terwijl eventuele schoonmoeders dat al verplichten. Natuurlijk is het heel nobel van Mama dat ze zo aan onze agenda’s denkt, maar dit jaar vond ik dat Mama het meer dan verdiende bezoek en cadeautjes te krijgen. Zusje is samen met vriendje en baby bij haar ingetrokken. Het Oma worden zette haar hele leven op zijn kop. De afgelopen dagen lijkt het dan ook alsof er geen andere rol meer in haar leven is dan de rol van Oma. Ze vervult deze rol glansrijk, haar hoor je niet klagen, ook voor de kraamvisite stelt ze haar huis open. Maar het leek me leuk als er ook gewoon eens bezoek speciaal voor haar kwam. Dus vandaag stond even niet in het teken van zusjes of baby’s, vandaag stond mama centraal. Dus hebben we weinig gewandeld aan het strand om dat later weer goed te maken door wel te wandelen in het Rijswijkse bos(je). Mama genoot van deze tijd samen, ik ook.

Lot

Ik besloot het lot maar eens een handje te gaan helpen en Ernest van der Kwast te ontmoeten. Gelukkig is dit niet zo heel moeilijk. Hij is nogal actief in het organiseren van dingen in Rotterdam. Nu was het alleen nog zaak te weten te komen waar en wanneer die dingen dan zijn en te zorgen dat ik daar ook ben. Ook hier is hij behulpzaam in vaak blogt hij enkele dagen van te voren waar hij te vinden is. Nu bleek hij in de Unie te zijn net op een avond dat ik in Ro-town zou zijn. Dit ligt niet heel ver van elkaar vandaan en mijn gezelschap was makkelijk over te halen een kijkje te gaan nemen. Bij binnenkomst zag ik Ernest al staan. Hij leek precies op zijn foto’s. dat is wel zo makkelijk voor het herkennen. Hij glimlachte, wij bestelde wijn. Toen wij stonden te twijfelen of we ook de zaal binnen zouden gaan waar zijn talkshow zou zijn kwam hij op ons afgelopen.  Hij vroeg ons of we voor de Unie late night kwamen, ik vertelde dat we twijfelden. Omdat we ook nog naar huis moesten en het er niet naar uit zag dat we makkelijk weg zouden kunnen gaan. Hij raadde ons aan gewoon dicht bij de uitgaan te gaan zitten. Wij bleven tot het eind.

Eng

Als ik mijn ogen open doe staat er een vreemde man in mijn slaapkamer. En dat terwijl ik zeker weet dat ik in mijn eigen bed lig. Ik kijk door mijn wimpers heen. Het is mijn huisgenoot  niet, en lief is het ook niet. Ik heb gisteren avond toch niet buitensporig veel gedronken? Op de grond staat een flesje Strongbow. Tenzij iemand daar iets in gegooid heeft is dat alles wat ik qua alcohol op heb, bedenk ik me. `Goedemorgen´ buldert de vreemde man. Het is een stem die ik niet herken en die me meteen afschrikt. Dan klimt de man aan wie de  stem toebehoord over mijn bed heen en zeult een zware koffer achter zich aan. Ik blijf vol ongeloof kijken. Wie is deze man, wat komt hij hier doen, en waarom denkt hij zomaar over mijn bed heen te kunnen klimmen? Huisgenoot verschijnt in de deuropening. Het zal wel goed zitten, hij zal de deur wel open gedaan hebben. Hij weet dan ook nog niet dat je in deze buurt niemand kunt vertrouwen en dat de deur niet voor niets zo stevig op slot zat. Misschien moet ik hem dat straks even vertellen. Als ik dit overleef althans. “ Zo”, zegt ze man, “de klus zit er weer op. Ik heb alle meterstanden weer genoteerd. Tot volgend jaar.” Hoe had ik ook kunnen vergeten dat de meneer van de meter vandaag langs zou komen? Het is maar goed dat huisgenoot niet wist hoe gevaarlijk het hier is. En dat hij de deur nog wel durft te openen. Ik gooi de strenge veiligheidsvoorschriften over boord en besluit weer gewoon de deur te openen als er wordt aangebeld. Straks is het iemand die komt helpen, of een vriend of vriendin die gezellig langs komt. Liever een klein beetje gevaar dan de rest van mijn leven achter gesloten ramen en deuren in angst doorbrengen. Mijn leven is weer normaal.

Tip

`Mag ik je een tip geven´, vraagt de man van de collecte voor het astma fonds. Eigenlijk zit ik niet zo te wachten op tips. Maar ik ben een vriendelijk mens dus ik knik. `De volgende keer dat er iemand aan belt´, steekt hij van wal, `moet je de deur dichtdoen als je even wat gaat pakken. Nu ben ik van de huurders vereniging, maar ik kan ook een engerd zijn´. Ik taxeer de man, wie zegt dat meneren van huurders verenigingen niet eng kunnen zijn? Waarom sta ik hier eigenlijk nog met hem te praten. Dadelijk pakt hij nog een mes achter zijn collecte bus vandaan en steekt mij neer, gewoon zomaar voor de leuk. Ik was helemaal vergeten dat niemand te vertrouwen is in deze wereld. En lach de man dankbaar toe dat hij me hier aan herinnert. Maar niet te lang, absoluut niet te lang, want ook hij kan tenslotte eng zijn. Ik wimpel hem dus af en sluit de deur stevig achter hem dicht. Als ik al mijn sloten en veiligheidshaakjes dichtgemaakt en bevestigd heb kan ik weer opgelucht adem halen. Voor de zekerheid neem ik me voor de deur maar nooit meer open te doen. Voor niemand niet. Veiligheid boven alles!

Baby

Ineens staat ons leven in het teken van een klein wezentje. Een baby met 10 vingers en 10 tenen. Nieuwsgierige volwassenen hangen de hele tijd boven haar. Baby trekt zich er weinig van aan. Ze slaapt overal doorheen. Het maakt haar niet zo heel veel uit bij wie ze in de armen ligt. Als we haar toch echt wakker moeten maken omdat ze om de drie uur moet eten, slaapt mevrouw vrolijk door. We kietelen, we zetten muziek op, de tv aan, roepen haar, tillen haar op maar niets werkt. Als de kraamverzorgster komt weet zij de ideale oplossing, ze vijlt haar nageltjes en baby doet eindelijk haar oogjes open. Als ze door heeft hoe ze moet drinken vind ze dat zo leuk dat ze daar niet meer mee wil stoppen. Een uur lang doet ze niets anders dan drinken. Je kunt zeggen wat je wilt. Maar baby is nu al behoorlijk standvastig. Als ze eenmaal een vaardigheid onder de knie heeft kan niemand haar op andere gedachten brengen en verfijnd ze deze tot in de puntjes.

Tante

Koninginnedag werd een trieste dag. Dodenherdenking werd in huize Laura en Marinus vergeten. Er werd gezwegen in alle talen, maar dat was toeval. Bevrijdingsdag werd echter een dag om nooit meer te vergeten. Terwijl overal het feest gedruis losbarste lag mijn zusje in haar kraambed. Eigenlijk was het niet de bedoeling dat ik bij de bevalling zou zijn, maar ik was toevallig in de kraamkamer toen het gebeurde, een kwartiertje later lag zusje met de nieuwe telg in haar armen. Ik geloof niet dat ik ooit zoiets heftigs heb meegemaakt. Ineens snap ik de verhalen van vaders die halverwege de bevalling weglopen om een kop koffie te gaan drinken en nooit meer terug komen. Toen de kraamvisite vrolijk binnen kwam had ik nog niet helemaal door dat de baby eruit was. Moeder worden valt niet mee, maar tante worden is ook niet zo eassy. Moeder en dochter maken het goed. Indy Chanel is de naam waar mijn nichtje hopelijk naar zal gaan luisteren. Haar ouders kennende houden wij hier ons hart voor vast ;).

Cadeautjes

Ik lees `Snobisme voor beginners´ van Oscar van den Boogaard. Een boekje dat vooral gaat over dingen kopen, soms gaat het ook over dingen niet kopen, of zoeken naar dingen om te kunnen kopen. Ik liep tegen het boekje aan toen ik samen met lief in Leuven was. Het was een schattig boekwinkeltje waar Arnon zou voorlezen. Voorlezen heeft hij niet gedaan, wel signeerde hij mijn boek. De verkoper wist me te vertellen dat Oscar de volgende dag zou komen en dan ook dit boek voor mij zou kunnen signeren. Helaas zouden wij er de volgende dag niet zijn, al was het zeker een plek waar ik eeuwig zou kunnen blijven. Misschien heeft Oscar daar ook wel een boekje gekocht. En heb ik nu zijn boek gekocht in de winkel waar hij zelf een geweldig exemplaar van een door hem geliefd schrijver gekocht heeft. Of liep hij net als ik tegen iets onbekends aan dat hij gewoon moest hebben.  Hoe dan ook, zijn passie voor kopen, en dan vooral voor cadeautjes kopen werkt aanstekelijk. In ieder museum waar ik kom sta ik in mijn handen met allerlei prulletjes die ik cadeau wil doen aan iemand, meestal aan lief, maar dan uiteindelijk weer terug leg. Zo wilde ik in Tate modern drumstokjespotloden kopen voor de drummer. En heb ik met ettelijke koelkastmagneetjes van mijn favoriete schilderijen in mijn handen gestaan voor lief. Ik legde ze allemaal genadeloos weer terug. De cadeau´s voor lief omdat ik het te veel vind voelen als een inbreuk op zijn leven om die te kopen. Hij moet dan tenslotte ook iets met die cadeautjes. Omdat ik hem niet in verlegenheid wil brengen daar een keus in te moeten maken geef ik hem dus meestal niets. Ze ophangen kan vervelend zijn voor zijn vrouw, ze niet ophangen kan vervelend zijn voor mij. Kortom een dilemma dat ik hem graag bespaar. Dit keer vond ik echter iets dat zo perfect was dat ik het niet kon laten liggen. Bovendien is het iets dat makkelijk in een la past zodat hij het weg kan leggen, ik hoef het niet vervelend te vinden dat het niet zichtbaar is en zij hoeft er niet meer geconfronteerd te worden. En dan wist ik ook nog eens zeker dat hij het heel erg leuk zou vinden. Kortom een ideaal cadeau voor alle partijen. Wat dit ideale cadeau dan was? Een pak speelkaarten met foto’s van vogels erop. Zo kan hij onder het kaarten mooi zijn vogel kennis (die al niet gering is) opschroeven. Ik ben tevreden als ik hem het pakje toeschuif in de kroeg en zie dat hij er echt blij mee is. In hem zit helemaal geen dilemma. Hij kijkt alleen maar heel erg blij en verliefderig naar de foto’s. Ik krijg meteen zin om nog veel meer cadeautjes te gaan kopen.

Kerk bezoek

Visje had me meegevraagd naar haar kerk. Bij kerken denk ik aan oude stoffige gebouwen. Waar mensen onder de dienst stiekem pepermuntjes eten. Daar had ik me mentaal dan ook helemaal op voorbereid toen ik ineens in een woonkamer vol mensen stapte. Het leek wel een beetje op de boeddhisten waar ik weleens ben geweest om samen te chanten. Alleen waren de christenen een stuk minder aardig dan de boeddhisten. Visje was natuurlijk wel lief en ze was heus niet de enige. Maar toen de jongen die het praatje deed verkondigde dat hij, het wel heel moeilijk vond om met niet christenen om te gaan voelde ik me niet zo welkom meer. Hoe hard de rest ook hun best deed om mij ervan te overtuigen dat ik wel degelijk welkom was, ik raakte niet meer overtuigd. Het was niet ongezellig, zeer zeker niet. Visje had heerlijk gekookt. Ik heb leuke gesprekken gehad. En men had in ieder geval het fatsoen me niet te willen bekeren. Maar er knaagde toch de hele tijd iets aan me. Het is kennelijk moeilijk met mij om te gaan. Dat ik het totaal niet moeilijk vind om met christenen om te gaan hou ik maar voor me. Als ze me vragen waar ik Visje van ken ben ik wel voorzichtig. Ik hang een verhaal op over wederzijdse vrienden. Ergens heb ik het idee dat ze niet heel erg open staan voor homoseksualiteit. Dat ik mezelf heks noem laat ik ook maar even achterwege. Ik kan mezelf hier niet zijn, dat is duidelijk. Als ze dan ook nog eens een wel heel eigen interpretatie van de Zeus legende weergeven, goed het was maar een bijzinnetje, om te bewijzen dat Jezus als godheid onder de mensen uniek is, maar toch ik kon me er niet overheen zetten. Zeus die in een stier veranderd een meisje verkrachte? Ik wil niet zeggen dat het er heel zachtzinnig aan toe ging. Maar volgens mij werd ze ontvoerd en niet verkracht. (voor de volledige legende klik hier ). Dat dit dan ook nog in een boek stond, en niet door iemand van deze groep zelf verzonnen was vond ik nog het meest schokkend. Ik ben weer een ervaring rijker, voel me zeker vereerd dat Visje dit met me heeft willen delen. Maar de volgende keer ga ik gewoon weer chanten bij de boeddhisten.

Heksenwaan

Ik was al een week niet meer naar het museum geweest. Dus het werd wel weer eens tijd. Dit keer was het Haagse Museon aan de beurt. En wel voor de tentoonstelling `heksenwaan´. Dat vonden wij heksen natuurlijk wel wat. Dus spraken we met een clubje heksen van ons forum af. Al bij de ingang dachten wij te kunnen toveren, helaas werden we uit die illusie geholpen en bleek het gewoon een elektrische deur te zijn, die ook voor niet heksen vanzelf open ging.  Maar al snel kregen we een toverstok in onze handen en kon het getover beginnen. De historische correctheid van deze tentoonstelling was verbazingwekkend. Er werd niet alleen aandacht geschonken aan sprookjes heksen, maar ook de heksen vervolging die ook in Europa een feit was kwam grondig aan bod. Zo bleek Roermond een rijke historie in vervolgingen te kennen. Daarnaast was er ook nog een stukje voor moderne hekserij ingeruimd. Ook hier viel het me op dat moderne heksen niet als freaks afgeschilderd werden. En dat ze echt hun best gedaan hadden rolmodellen in deze tentoonstelling te verwerken waar de moderne heks zichzelf in kan herkennen. Het werd niet te zweverig en ook als leek zou je jezelf voor kunnen stellen dat er mensen zijn die deze levenswijze erop na houden. Het mag dan een kindertentoonstelling geweest zijn, kinderachtig was ´ie zeker niet. Dus mocht jij meer informatie willen over heksen door de eeuwen heen, pak je bezemsteel en vlieg vliegensvlug naar Den Haag om deze tentoonstelling te bezichtigen.

Wil jij veel?

`Wil jij veel´, vraagt lief. Ik kijk hem aan alsof hij de raarste vraag die ik ooit gehoord heb stelt. En misschien is dat ook wel zo. Hij merkt dit op en verduidelijkt zijn vraag. `Wat ik bedoel is, ben je gelukkig´. Hier  moet ik even over nadenken. Wat heeft veel willen te maken met gelukkig zijn? En zou iemand die veel wil dan juist meer of minder gelukkig zijn dan iemand die niet zoveel wil? Gedachten schieten over en weer in mijn hoofd. Ik zie het verband niet en heb geen idee of ik veel wil. Hoe moet ik weten wat een gemiddeld mens wil en of wat ik wil dan hoger of lager dan dat percentage ligt? Ik kan niet veel anders dan versuft kijken.  Ben ik gelukkig? Wil ik veel? Ik denk dat ik over het algemeen genomen redelijk gelukkig ben. Regelmatig denk ik dat ik een erg leuk leven heb. “Goh”, zeg ik dan bij mezelf, “wat heb ik toch een leuk leven”. Veel minder regelmatig denk ik “ Misschien is het een goed idee als ik eens ophoud met dit zinloze geleef, als ik eens ophoud met bestaan, gewoon stilletjes verdwijnen, er is vast niemand die het opmerkt”. Ik denk dit allemaal wel, maar zeg het niet. Misschien omdat die gedachten te duister zijn om door mij uitgesproken te worden, misschien ook wel omdat ze geen antwoord lijken te geven op de vraag. Daarom antwoord ik tenslotte, “ja, ik denk dat ik wel redelijk gelukkig ben”. Ik weet niet of dit het antwoord is dat lief wil horen. Ik weet niet of hij nu het idee heeft mij beter te kennen of mij te hebben laten nadenken over dingen waar ik nog niet eerder over had nagedacht. Evenmin weet ik waarom hij deze vraag stelde. Toch lijkt hij tevreden met dit antwoord. Hij leunt achterover en neemt een slok van zijn bier. Ik blijf in gedachten verzonken.

maart 2010

ma di wo do vr za zo
1 2 3 4 5 6 7
8 9 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28
29 30 31        
Blog powered by TypePad

Laatst bijgewerkte weblogs